Verantwoording en medezeggenschap

1. Het bestuur publiceert
a) de statuten, het bestuursreglement, reglementen inzake het functioneren van het bestuur en het interne toezicht, het professioneel statuut, de integriteitscode, de klachtenregeling(en), de klokkenluidersregeling.

De klokkenluidersregeling is bij ZAAM vastgesteld onder de naam ´regeling melden vermoeden misstand ZAAM’. Er is nog geen professioneel statuut. Hiervoor zijn we in afwachting van informatie vanuit de VO-raad. Zoals op de website van de VO-raad is te lezen, is de VO-raad in gesprek over de totstandkoming van een professioneel statuut waarin de zeggenschap van leraren en de dialoog tussen leraren en schoolleiding wordt verankerd. Dit professioneel statuut is echter nog niet tot stand gekomen. Dat leidt er automatisch toe dat leden van de VO-raad hier niet aan kunnen voldoen.

b) het jaarverslag, al dan niet betaalde (hoofd- en) nevenfuncties van bestuurder(s) en toezichthouder(s) en de gegevens over het bestuur en de interne toezichthouder(s) op de website van de onderwijsorganisatie.

2. Het bestuur zorgt dat de doelstellingen en de aanpak van de horizontale dialoog met externe stakeholders in de organisatie worden geformaliseerd, verankerd, onderhouden en vermeld in het jaarverslag.

De horizontale dialoog met externe stakeholders is georganiseerd via de Raden van Advies.

3. Het bestuur evalueert jaarlijks het eigen functioneren, legt de conclusies en afspraken schriftelijk vast en doet hierover verslag in het jaarverslag.

Het College van Bestuur werkt met een A3 jaarplan waarin de plannen voor een jaar zijn vastgelegd. Jaarlijks wordt dit geëvalueerd. In het jaarverslag wordt hiervan verslag gedaan. Over de evaluatie van de onderlinge samenwerking is vanaf 2015 in het jaarverslag gerapporteerd.

4. Voor het aanvaarden van een al dan niet betaalde nevenfunctie door de bestuurder(s) wordt vooraf goedkeuring gevraagd aan het interne toezicht. De criteria die dienen als basis voor het interne toezicht om zijn goedkeuring aan het aanvaarden van al dan niet betaalde nevenfuncties van de bestuurder(s) te verlenen of te onthouden, worden vastgelegd in een reglement.

Dit is vastgelegd in het reglement criteria nevenfuncties bestuurder(s).

5. Een toezichthouder kan niet benoemd worden tot (dagelijks) bestuurder bij dezelfde onderwijsorganisatie als waar hij toezichthouder is of is geweest. Een bestuurder kan niet tegelijkertijd de functie van intern toezichthouder vervullen bij een onderwijsorganisatie binnen de onderwijssector VO. Een bestuurder kan niet tegelijkertijd de functie van intern toezichthouder vervullen bij een onderwijsorganisatie in een andere onderwijssector dan het VO, tenzij het een ander voedingsgebied betreft.

Dit is vastgelegd in het reglement criteria nevenfuncties bestuurder(s). 

6. Belangenverstrengeling van een bestuurder is niet toegestaan en hiervan is sprake bij familiaire of vergelijkbare relaties en bij zakelijke relaties met intern toezichthouders, medebestuurders of leden van het management die rechtstreeks onder het bestuur vallen. Een bestuurder meldt een (potentieel) tegenstrijdig belang aan de voorzitter van het interne toezicht en verschaft alle relevante informatie. Het interne toezicht beslist of sprake is van een tegenstrijdig belang en hoe daarmee wordt omgegaan, en maakt hiervan melding in het jaarverslag.

Dit is voor de RvT vastgelegd in het reglement Raad van Toezicht ZAAM, artikel 15. Voor de bestuurders wordt dit vastgelegd in het bestuursreglement.